Belastingdienst stopt met Microsoft 365 in de cloud en kiest eigen servers
De Belastingdienst stopt met de overstap naar Microsoft 365 in de publieke cloud. In plaats daarvan komen mail en agenda op eigen servers te staan, en worden voor opslag en samenwerking Europese opensource-alternatieven gezocht. Dat schrijft staatssecretaris Eelco Eerenberg van Financien in een Kamerbrief van 5 oktober over de toekomstbestendigheid van de dienst.
Van een pakket naar losse bouwstenen
"De Belastingdienst, Douane en Toeslagen kiezen nu voor een on-premises oplossing in combinatie met open source", staat in de brief. Met on-premises bedoelt Eerenberg software die draait op servers van de Belastingdienst zelf, of op servers die de dienst controleert. Dat die route nu weer open ligt, komt volgens hem mede doordat het de Belastingdienst gelukt is de eigen datacentercapaciteit te vergroten — een jaar eerder was dat scenario nog afgeschreven.
De uitvoering gaat in stappen. In 2027 komt eerst de voorziening voor mail en agenda on-premises te staan. Later in 2027 en in 2028 volgen Europese opensource-oplossingen voor persoonlijke opslag en samenwerkingsfunctionaliteiten. De aanpak is er daarnaast op gericht zoveel mogelijk bestaande licenties te blijven gebruiken, zodat aanvullende investeringen beperkt blijven.
Die opsplitsing is geen toeval. Het Adviescollege ICT-toetsing (AcICT) adviseerde eerder om niet uit te gaan van een enkele oplossing bij een enkele leverancier, maar om per functionaliteit naar alternatieven te kijken. De aanbevelingen van het AcICT over de inrichting en sturing van het programma worden meegenomen in het bijgestelde ontwerp, dat nu wordt uitgewerkt.
De rekening: archiefbeheer
De koerswijziging heeft ook een prijs, en Eerenberg benoemt die zelf. Een aantal voorzieningen die de informatiehuishouding op orde moesten brengen, zat in het M365-pakket en is niet on-premises beschikbaar. Welke functionaliteit dat precies is laat de brief open; de Belastingdienst brengt in kaart wat er nodig is om dat op te lossen en komt er uiterlijk in de volgende stand-van-zakenbrief op terug. Ook het tijdpad van de vervanging schuift op.
Wie M365-migraties van dichtbij kent, zal dit herkennen: retentielabels, eDiscovery en Purview-achtige archieffuncties zijn precies het soort diensten waarvoor een on-premises Exchange- of bestandsserver geen een-op-een-equivalent heeft. Dat is geen detail bij een organisatie die aan wettelijke bewaartermijnen vastzit.
Bredere context
De brief gaat verder dan kantoorautomatisering. Eerenberg schetst dat momenteel ongeveer 55 procent van de beschikbare IV-capaciteit naar essentiele modernisering gaat om continuiteitsrisico's te voorkomen, 40 procent naar wetgeving en externe verplichtingen, en slechts vijf procent naar strategische vernieuwing. Die verhouding moet de komende jaren verschuiven naar maximaal 20 procent voor modernisering en minstens 20 procent voor vernieuwing. Eind 2028 nadert de dienst volgens de huidige planning het omslagpunt waarop meer ruimte vrijkomt.
Digitale autonomie speelt ook elders in het portfolio. Bij de modernisering van de omzetbelasting neemt de Belastingdienst de hosting van de leverancier over. Dat extra werk schuift de livegang van VAT-refund naar april 2027 en de uitrol van de binnenlandse omzetbelasting van 1 juli 2027 naar het derde kwartaal van 2027.
In het eerste kwartaal van 2027 stuurt Eerenberg een inhoudelijke roadmap naar de Kamer. Directe aanleiding voor de brief waren schriftelijke vragen van Kamerlid Van Dijk (CDA) van 8 september. Tweakers berichtte er dinsdag over.